In november zoomde de Roadtrip Cultuureducatie van publiq in op dit recht en op de manier waarop we als cultuursector de noodzakelijke verbindingen kunnen leggen: met de kinderen maar ook met ouders, dagverblijven, pedagogen en verzorgers. Met een bevlogen keynote uit Nederland en het inspirerende praktijkvoorbeeld van het Brusselse platform Lasso was de dag goed gevuld. Wie er niet bij kon zijn, leest hier de belangrijkste inzichten.
Ingrid Wolff is artistiek en algemeen directeur van het in Almere gevestigde 2turvenhoog: sinds 1999 een jaarlijks festival maar intussen ook een veel bredere wijkwerking die de allerjongsten op een laagdrempelige manier in contact brengt met kunstenaars. De organisatie brengt die kunstenaars daar waar de kinderen zijn: in de dagverblijven, in ‘speelcafés’ in de wijken van (het erg ‘jonge’) Almere. Wolffs uitgangspunt: de ontmoeting staat centraal, niet de kunst.
Wolff: “Het gaat er niet om ‘dingen te doen’ voor kinderen of dingen te maken, er is geen opdracht met een eindproduct. Het enige wat nodig is, is een rijke omgeving waarin een kunstenaar aanwezig is die hen spiegelt, een relatie aangaat. Dan ontstaat er al heel veel. Je kan alleen niet van tevoren bepalen wat ‘dat’ dan is en wat de impact is. Je moet erop vertrouwen dat het voldoende is.”
Wolff begon het project in Almere door naar de kinderdagverblijven toe te stappen met een opmerkelijke vraag: “Ik ben op zoek naar kinderen waarvan kunstenaars kunnen leren.” Educatie geldt in de woorden van Wolff altijd énkel de volwassenen - zij leren op een bewuste manier. De jongste kinderen? Die leren altijd en overal, zij hebben geen educatie nodig.
Aan de ouder-inloopmomenten die sowieso gebeuren op de opvanglocaties wordt door 2turvenhoog een artistieke ervaring toegevoegd: geen kant- en-klare voorstelling maar bijvoorbeeld een muzikant die met de kinderen komt spelen, in aanwezigheid van de ouders. Zo worden ouder en kind samen, en stoemelings in de ervaring getrokken, zonder dat ze ‘naar een voorstelling moeten’ - wat een drempel kan vormen. Eén keer per jaar tracht Wolff wél die doorstroom naar ‘reguliere’ voorstellingen te maken, wanneer ze het hele netwerk uitnodigt voor het 2turvenhoog-festival. Zo wordt er voorzichtig gebouwd aan een keten van participatie.
Wat is er nodig voor zo’n laagdrempelige samenwerking tussen cultuur en kinderopvanglocaties?
1. Een ‘plek van samenkomst’ waar sociale, pedagogische en culturele spelers elkaar vinden. Het gaat om publiekswerkers, pedagogen en kinderverzorgers, ouders, jonge kinderen én nieuwsgierige artiesten. De ervaring voor de allerjongsten gebeurt steeds in gezelschap van/verbinding met volwassenen, de kwetsbaarheid van het jonge kind vraagt daarom.
2. Op beleidsniveau: een cross-sectorale (financiële) samenwerking tussen Welzijn, Cultuur, Onderwijs, … In Almere worden momenteel kunstervaringen in zestig opvanglocaties voor jonge kinderen gesubsidieerd vanuit het domein Onderwijs. De samenkomst van mensen uit zoveel verschillende domeinen leidt bovendien tot de opbouw en integratie van een lokale gemeenschap rondom het jonge kind.
3. Een blik die verder reikt dan het lokale, maar ook regionale en internationale perspectieven meeneemt. Wolff haalt Europees onderzoek aan, waaruit blijkt dat een intensieve zorg (ook cultureel) voor gezinnen met jonge kinderen leidt tot minder samenlevingsproblemen. Wolff waarschuwt wel meteen voor een instrumentalisering: cultuur voor het jonge kind is geen ‘middeltje’ om samenlevingsproblemen op te lossen - het is een mensenrecht. Dit blijft het uitgangspunt.
3 inzichten over het jonge kind
Voor Wolff is het jonge kind al haar hele leven lang een bron van inspiratie. Ze noemt het “een bron van revolutie”, omdat het jonge kind ons, volwassenen, wijst op een aantal zaken (fysieke sensitiviteit, aanwezigheid in het hier en nu) die wij verloren zijn. Ze deelt drie concrete inzichten die voor haar het fundament vormen van het werken met de allerjongsten.
1. Vroeger dacht men dat kinderen ‘onvolkomen mensen’ waren, maar ze zijn al iemand, volwaardige mensen. Behandel ze eerlijk en serieus, ga een relatie aan.
2. Een jong kind leeft niet in een fictieve wereld of sprookjeswereld, maar in de échte werkelijkheid: dynamisch, onbegrensd, één. Het is voortdurend in het moment, maar wel in dezelfde wereld als die van de volwassenen.
3. Building highways in the brains: het jonge kind is klaar om verbindingen te leggen, al van in de buik. Contact met rijke omgevingen zijn ook vanuit dit wetenschappelijk perspectief onmisbaar.
Lokale bruggen bouwen
Als Wolff hamert op het belang van cross-sectorale verbindingen, dan klinkt dat als muziek in de oren van Lasso vzw. Dit Brussels platform voor cultuurparticipatie streeft ernaar zoveel mogelijk mensen te laten participeren aan kunst en cultuur door samenwerkingen op te zetten en expertise te delen. Specifiek rond het jonge kind ontwikkelde Lasso een project van drie jaar, Explo Labo, waarbij het gericht bruggen trachtte te slaan tussen kinderdagverblijven of organisaties die werken rond gezinsondersteuning en kunstenaars/cultuurorganisaties.
Met als uitgangsvraag: Hoe stem je de werkwijzen van organisaties op elkaar af? Hoe haal je de drempels weg?
Obstakels?
Cultuur in een zorgcontext is geen evidente match - de zorgcontext komt met timings en realiteiten waarmee de cultuurwerker rekening moet houden. Wat met de slaap- en eetroutine van de kinderen? Hoe organiseer je vervoer als je buitenshuis wil gaan? Welk cultuuraanbod is er overdag? En hoe zorg je ervoor dat de vaak al overbezette kinderverzorgers en pedagogen geen werklast ervaren? Bovendien is het in de versnipperde Brusselse beleidscontext een uitdaging om iedereen rond de tafel te krijgen.
De methodiek van Explo Labo bestond eruit om te vertrekken van lokale werkgroepen (met als partners: Huizen van het Kind, Lokale gezinsondersteunende Netwerken (LGN), brede scholen, cultuurhuizen, gemeenschapscentra, bibliotheken, kunsteducatieve organisaties, kunstenaars, … ) als basis voor kleinschalig experiment, waarbij de mogelijkheden werden verkend. Netwerkvorming dus, met het oog op het opzetten van duurzame relaties. In verschillende Brusselse gemeenten kwamen de afgelopen drie jaar zo projecten tot stand van artistieke ontmoeting (bijvoorbeeld: een cellist gaat langs in kinderdagverblijven), participatieve creatie (Koer in ‘t Groen: kinderen, ouders en kunstenaar richten samen een groene zone in) of band met de buurt (een weekendactiviteit wordt verlengd naar maandag, de crèches sluiten aan).
Zelf aan de slag?
Voor culturele spelers die zelf graag aan de slag willen op opvanglocaties heeft Lasso de volgende tips:
- Bevraag eerst goed je eigen organisatie: Welke meerwaarde kan jij of je organisatie bieden aan de partners? Wat zijn jullie sterktes, troeven? Welke tijd, ruimte, middelen heb je om te investeren? Aan welke doelen draagt dit bij? Wat wil je eruit halen op de lange termijn?
- Neem contact op met kinderdagverblijven ga de ontmoeting aan. Begin klein, verken de mogelijkheden.
- Ga in eerste instantie voor quick win-win - al doende ondervind je. Denk out of the box, maar hou het simpel en haalbaar.
- Treed uit je comfortzone en doe het samen - laat je vertrouwde manier van werken los.
- Evalueer en verduurzaam - wie kunnen we nog bereiken, waar missen we expertise? Hoe zetten we dit experiment voort op duurzame basis?
- Houd het contact warm en neem deel aan lokale overlegmomenten.
Nu Explo Labo officieel is afgelopen bestaat de grootste uitdaging erin het gevormde netwerk te verduurzamen. Na drie jaar kennen organisaties elkaar lokaal beter - hoe zetten ze dit verder met minimale ondersteuning vanuit Lasso? De toekomst wijst het uit…
Meer inspiratie?
Cultuur voor de allerjongsten
Wil je werken rond cultuur voor kinderen van 0 tot 4 jaar? In de toolkit vind je inzichten uit visieteksten en onderzoek, maar ook tal van praktijkvoorbeelden uit kinderdagverblijven, bibliotheken, musea en podiumhuizen.
Werken met de allerjongsten: wie helpt je op weg?
Tal van cultuurorganisaties, gezelschappen en kunstenaars hebben expertise in het werken met jonge kinderen (0 tot 4 jaar). Bekijk hier met wie je kan samenwerken.
Boekstart wordt 20 jaar!
Voorlezen en talig in interactie gaan met de allerjongsten heeft bewezen voordelen. Daarom brengt Boekstart boeken in de huiskamers van gezinnen met kinderen tussen 0 en 2,5 jaar. Al 20 jaar. Feest dus!