In het jeugdwerk willen we vrij zijn. Vrije tijd beleven, onszelf kunnen zijn, ontdekken. Begeleiders willen die ruimte scheppen. Maar jongeren brengen meer mee dan alleen die vrije invulling. Hun leefwereld stapt mee binnen, met hun uitdagingen en hun wensen. Sommige jongeren groeien door in het jeugdwerk als animator, anderen zijn meer gebaat bij een ander soort engagement. De ruimte die het jeugdwerk schept, is ook een vertrouwde omgeving om je grenzen te verleggen. Dat is wat gebeurde bij Goed Doeners, een project van EWA, ondersteund door Jong engagement (een projectsubsidielijn van de Vlaamse overheid).
EWA Youth is een Brusselse jeugdwerkorganisatie die zich richt op jongeren tussen 12 en 18 jaar. Naast de jongeren uit hun eigen werking spraken ze via andere jeugdwerkorganisaties en scholen (16+) jongeren aan die een traject rond vrijwilligerswerk zagen zitten.
Er waren twee sporen. Wie echt voluit wilde gaan, startte met een driedaagse opstart in samenwerking met JES vzw, gevolgd door een begeleid persoonlijk traject. Daarnaast waren er korte engagementen voor jongeren die even van vrijwilligerswerk wilden proeven. Het project duurde anderhalf jaar.
Het type vrijwilligerswerk liep sterk uiteen, vaak in een sociale context: schoolopvang, hulp in een voorziening, koken in een ontmoetingscentrum, werken in een kringloopwinkel… Die verschillende contexten tonen de brede interesses van de jongeren, en spreken een brede waaier aan competenties en talenten aan.
“Ze kregen de kans om te zoeken, te proberen, wat ze leuk vinden, en wat niet. Engagement groeit niet altijd in rechte lijnen.”
Begeleid en zelfstandig
Begeleid vrijwilligerswerk maakt de stap veilig: jongeren kunnen onderzoeken of het hen ligt. Ze kwamen op gang met een driedaagse vorming, uitgewerkt door JES, waarin ze hun drijfveren en talenten ontdekten via het 'talentenspel'. Ook je houding als vrijwilliger kwam aan bod. Zo wordt de stap naar het werk kleiner, al blijft het nieuw.
Want het is een ferme uitdaging om in compleet nieuwe rollen terecht te komen. Kinderen ondersteunen met een handicap waar je nog niet mee vertrouwd bent. Gesprekken aangaan met oudere generaties en verschillende opvattingen samenbrengen. Kinderen in een opvangcentrum voor asielzoekers laten spelen. Je plek vinden in een groep vrijwilligers of professionals. De jongeren moesten zich flexibel opstellen en zich openstellen voor onbekend terrein. Dat vroeg een portie durf.
De coaches kregen daarbij vragen over de duur van het engagement, en over hoe ver ze daarin mochten 'pushen'. Hoe ver kan en wil iemand gaan? Is proeven voldoende of zit er meer in? Is het haalbaar om meteen een langduriger engagement uit te spreken tegenover de partner? Hoe kunnen jongeren echt leren uit hun ervaringen? Daarvoor is betrokken begeleiding belangrijk, en dat is een uitdaging voor het kleine team van EWA, dat daar in de toekomst graag meer in zou betekenen. Ook het evenwicht bewaken voor de jongeren blijft zoeken. Zo bleek het te veel gevraagd om hen tussentijds samen te brengen om ervaringen uit te wisselen. Op de locaties zelf hadden de jongeren vaak wel een luisterend oor of een coach uit de organisatie.
Verbinding en vertrouwen
Er was budget apart gehouden om initiatieven van de jongeren zelf uit te werken. Daar kwam een gezamenlijk idee uit. Ontmoeting leidt tot verbinding: dat ervoeren velen tijdens hun uiteenlopende engagementen. Ze kozen voor iets dat tegenwicht biedt aan de eenzaamheid waarin veel ouderen terechtkomen. Via een oproep gingen ze met ouderen op uitstap en organiseerden ze andere ontmoetingsmomenten. Samen weggaan, koken, dansen, knutselen: het leverde spannende gesprekken op over samenleven, migratie en discriminatie. Elkaar horen en zien leidde tot intergenerationele verbinding.
Ze sloten het traject af met een gezamenlijke viering en de uitreiking van een attest, in het bijzijn van ouderen en medewerkers van het ontmoetingscentrum Miro uit dat laatste initiatief tegen eenzaamheid. Een waardering voor elke stap die de jongeren zetten. EWA maakte een prachtige publicatie die het traject in woord en beeld laat zien.
“We zien hen grenzen verleggen: in gesprek gaan met wildvreemden, onbekend terrein ontdekken, zichzelf uitdrukken en in vraag stellen. En zo, stap voor stap, Brusselse harten veroveren. Gewoon door er te zijn, met aandacht, politesse en een gezonde dosis lef.”
Partnerorganisaties in dit traject waren
- Klein Kasteeltje
- vzw Toukan
- P’tit Rien
- Miro
- Hubbie
- Sint-Gillisschool
- de bibliotheek van Sint-Gillis
- wzc mettewie
- Brugfigurenproject van het Rode Kruis
- Park Poetik
- In Limbo
- GC Nekkersdal